ECLI:NL:RBOVE:2026:5057, Rechtbank Overijssel, 12-08-2026, ak_25_2585
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)De door belanghebbende genoemde, door hem ongeschikt geachte, referentieobjecten zijn vermeld in het bestreden besluit. De heffingsambtenaar heeft evenwel nadien in de beroepsfase een aantal objecten vervangen door in de taxatiematrix in beroep – behoudens (..) - enkele andere vergelijkingsobjecten op te nemen. De door belanghebbende in zijn beroepschrift genoemde objecten (..) behoeven daarom geen bespreking meer, nu het de heffingsambtenaar krachtens vaste rechtspraak van de Hoge Raad vrijstaat om in het kader van de procedure vergelijkingsobjecten steeds te vervangen. Nog sterker, de heffingsambtenaar mag referentiewoningen (juist) laten vervallen als vergelijkingsobject als (ook) belanghebbende die ongeschikt acht. Het uitgebreid gemotiveerde beroepschrift focust met name en bij uitstek op de vergelijking met referentiewoningen die de heffingsambtenaar in beroep, in de taxatiematrix, juist niet meer gebruikt. In zoverre komt aan het beroepschrift slechts beperkte betekenis toe.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.