JurispRadar
ECLI:NL:RBOBR:2026:5873Laag5/100

ECLI:NL:RBOBR:2026:5873, Rechtbank Oost-Brabant, 17-08-2026, 26/2110 en 26/2109

InstantieUitspraak: 17 augustus 2026Publicatie: 14 augustus 2026
Procedure:Voorlopige voorziening+bodemzaak
Zaaknummer:26/2110 en 26/2109

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Deze uitspraak gaat over een last onder dwangsom die ziet op de bouw van een watersilo op het perceel Laar in Berlicum. De voorzieningenrechter komt tot het oordeel dat het college de derde-partij ten onrechte als belanghebbende bij het verzoek om handhaving heeft aangemerkt. Toch heeft het college de opgelegde last onder dwangsom mogen opleggen en kan deze in rechte worden gehandhaafd. De voorzieningenrechter bepaalt dat de getroffen voorlopige voorziening vervalt zes weken na de bekendmaking van deze uitspraak.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:26414Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:26414, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.24075

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1431

ECLI:NL:HR:2026:1431, Hoge Raad, 11-09-2026, 23/02715

Hoge Raad11 sep 2026
~75geschat
Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1470

ECLI:NL:HR:2026:1470, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/02117

Hoge Raad11 sep 2026
~60geschat
Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:26455Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:26455, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.22233

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk