ECLI:NL:RBNHO:2026:7512, Rechtbank Noord-Holland, 09-07-2026, HAA 22/6155
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Het beroep is gericht tegen de afwijzing van het verzoek van de Stichting aan het college om handhavend op te treden tegen het zonder natuurvergunning op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming (Wnb) aanleggen van een nieuwe woonwijk in de Bloemendalerpolder door derde-partij. De rechtbank komt tot het oordeel dat het college kon afzien van handhaving en dat het beroep van de Stichting daarom ongegrond is. De rechtbank betrekt de nieuwe jurisprudentie van de Afdeling van 18 december 2024 en 28 mei 2025 bij de beoordeling van dit beroep. In de uitspraken van 18 december 2024 heeft de Afdeling expliciet overgewogen dat het gewijzigde toetsingskader direct van toepassing is in lopende en toekomstige handhavingsprocedures. De rechtbank is van oordeel dat hier sprake is van “een lopende handhavingsprocedure”, omdat het bestreden besluit nog niet onherroepelijk is. De stelling van het college en derde-partij dat van een lopende handhavingsprocedure slechts sprake is totdat op het bezwaar is beslist, volgt de rechtbank niet. Tijdens de laatste zitting van 16 april 2026 is gebleken dat partijen het erover eens zijn dat derde-partij op grond van het nieuwe toetsingskader van de Afdeling alsnog een natuurvergunning dient te hebben. Derde-partij heeft echter geen vergunning op grond van de Wnb voor het project de Bloemendalerpolder. Dat betekent dat, met terugwerkende kracht, het college ten onrechte heeft gesteld in het bestreden besluit dat geen sprake is van een overtreding. Het college is echter niet bevoegd om handhavend op te treden. Van een overgangsperiode als bedoeld in de nieuwe jurisprudentie van de Afdeling is strikt genomen geen sprake. De rechtbank is echter van oordeel dat materieel wel sprake is van eenzelfde situatie als de in de 18-december uitspraken bedoelde situatie waarvoor een overgangsperiode is bepaald en dat in deze zaak daarom overeenkomstig moet worden gehandeld. Het college is daardoor niet bevoegd om handhavend op te treden tot 1 januari 2030.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.