ECLI:NL:RBNHO:2026:11564Laag5/100
ECLI:NL:RBNHO:2026:11564, Rechtbank Noord-Holland, 02-09-2026, C/15/380737 / KG ZA 26-458
Rechtbank Noord-HollandUitspraak: 2 september 2026Publicatie: 2 september 2026
Procedure:Kort geding
Zaaknummer:C/15/380737 / KG ZA 26-458
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)De voorzieningenrechter wijst de vordering van eiser sub 1 tot het opleggen van lijfsdwang als sanctie op de eerder opgelegde ge- en verboden af. Ook de vordering tot verhoging van de dwangsommen wordt afgewezen, omdat het maximum aan dwangsommen (nog) niet is verbeurd. De vordering tot het doen van uitlatingen die schadelijk zijn voor de eer en goede naam van eiser sub 2, dan wel uitlatingen te doen die betrekking hebben op het privéleven van eiser sub 2, wordt toegewezen, op straffe van een dwangsom.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.
Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraakRecente uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:26414Laag
ECLI:NL:RBDHA:2026:26414, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.24075
Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk
~75geschat
Bekijk ~60geschat
Bekijk ECLI:NL:RBDHA:2026:26455Laag
ECLI:NL:RBDHA:2026:26455, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.22233
Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk