ECLI:NL:RBMNE:2026:1966, Rechtbank Midden-Nederland, 23-04-2026, UTR 25/2424, UTR 25/2425 en UTR 25/2426
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Verzoeken om handhaving, omdat vergunninghouders in afwijking van de aan hen verleende omgevingsvergunning zouden hebben gebouwd. Het college heeft de verzoeken met betrekking tot de glazen pui op de tweede verdiepingsvloer, de trekstangen en de kilkeper terecht afgewezen. Omdat voor de constructiewijziging met stalen balken en een dunnere houtskeletwand een omgevingsvergunning nodig was en deze niet is verleend, is op dit punt sprake van een overtreding. Nu niet is gebleken dat vergunninghouders weigerachtig zijn om een aanvraag ter legalisatie in te dienen en het college heeft verklaard dat medewerking aan de gewijzigde constructie wordt verleend, is sprake van concreet zicht op legalisatie. Het college heeft de verzoeken dus mogen afwijzen, maar op een andere grondslag.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.