ECLI:NL:RBLIM:2026:4251, Rechtbank Limburg, 01-05-2026, ROE 22/893, ROE 22/1658 en ROE 24/4783
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)De beroepen gaan over inzage van persoonsgegevens die in de FSV zijn opgenomen, over het delen van deze gegevens met derden en over schadevergoeding voor de registratie in de FSV. Inhoudelijk gaat het voornamelijk over het recht op de stukken waarin de persoonsgegevens staan en de volledigheid van de inzage. De rechtbank heeft de beroepen ongegrond verklaard en geoordeeld dat eiser geen recht heeft op deze stukken en dat niet aannemelijk is dat de inzage onvolledig is geweest. De rechtbank vindt terecht dat de minister het bezwaar tegen zijn beslissing op het schadevergoedingsverzoek niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat over de gestelde schade alleen een vordering bij de civiele rechter kan worden ingesteld.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.