ECLI:NL:RBDHA:2026:22620Laag13/100
ECLI:NL:RBDHA:2026:22620, Rechtbank Den Haag, 07-08-2026, NL26.42149
Rechtbank Den HaagUitspraak: 7 augustus 2026Publicatie: 13 augustus 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:NL26.42149
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Grensdetentie op grond van artikel 6, derde lid, van de Vw. Het beroep is ongegrond. Screeningslocatie. De screening was afgerond voor de vrijheidsontnemende maatregel werd opgelegd. De rechtbank beoordeelt niet of de screening of de screening zorgvuldig is verlopen. De minister hoefde ook niet te volstaan met een lichter middel. De minister mocht aan het grensbewakingsbelang een groot en doorslaggevend gewicht toekennen. Eiser heeft verklaard dat er geen (persoonlijke) feiten en omstandigheden zijn die moeten meewegen in het kader van het opleggen van een lichter middel. Ook heeft eiser niet verklaard over lichamelijke of psychische aandoeningen en deze zijn ook niet geconstateerd.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.
Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraakRecente uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:26414Laag
ECLI:NL:RBDHA:2026:26414, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.24075
Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk
~75geschat
Bekijk ~60geschat
Bekijk ECLI:NL:RBDHA:2026:26455Laag
ECLI:NL:RBDHA:2026:26455, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.22233
Rechtbank Den Haag11 sep 2026
5/100Bekijk