ECLI:NL:RBDHA:2026:21237, Rechtbank Den Haag, 28-07-2026, NL25.58173 en NL25.58174 en NL25.58178 en NL25.58179
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Eisers zijn broers. Zij zijn afkomstig uit Somalië en hebben een asielstatus in Griekenland. De minister heeft hun asielaanvragen in Nederland afgewezen als kennelijk ongegrond. De minister heeft de gestelde problemen van eisers in Somalië niet geloofwaardig geacht. Ook heeft hij de identiteit van eiser 2 niet geloofwaardig geacht. De rechtbank is van oordeel dat de geloofwaardigheidsbeoordeling van de minister geen stand kan houden. Ook heeft de minister de aanvragen niet mogen afwijzen als kennelijk ongegrond. Verder is de rechtbank van oordeel dat het standpunt van de minister dat in Mogadishu sprake is van een lage mate van willekeurig geweld, onzorgvuldig is voorbereid en ondeugdelijk is gemotiveerd. Daarbij heeft de minister de handicap van eiser 1 onvoldoende betrokken in de beoordeling van de risico’s die eiser 1 loopt om slachtoffer te worden van willekeurig geweld. Tot slot is de rechtbank van oordeel dat het terugkeerbesluit geen stand kan houden. Beroepen gegrond.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.