JurispRadar
ECLI:NL:RBDHA:2026:20546Laag9/100

ECLI:NL:RBDHA:2026:20546, Rechtbank Den Haag, 21-07-2026, NL26.38297

Rechtbank Den HaagUitspraak: 21 juli 2026Publicatie: 23 juli 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:NL26.38297

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Vervolgberoep artikel 6, derde lid, van de Vw. Het asielberoep en de voorlopige voorziening zijn op 12 augustus 2026 op zitting gepland. Naar het oordeel van de rechtbank is het niet aannemelijk dat vóór het verstrijken van de dertien weken termijn uitspraak wordt gedaan op het asielberoep van eiseres. Deze termijn verstrijkt immers al op 14 augustus 2026. De rechtbank stelt vast dat bij deze stand van zaken de maximale termijn van dertien weken zal worden overschreden. Overigens heeft de rechtbank aan de administratie van deze rechtbank en zittingsplaats nagevraagd of er (nog) ruimte is om het asielberoep op een eerdere zitting te plannen. Beroep gegrond, geen schadevergoeding wel proceskostenvergoeding

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:20723Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:20723, Rechtbank Den Haag, 24-07-2026, NL26.16432

Rechtbank Den Haag24 jul 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:GHDHA:2026:2276Laag
Burgerlijk procesrecht
Insolventierecht

ECLI:NL:GHDHA:2026:2276, Gerechtshof Den Haag, 23-07-2026, 200.368.225/01

Gerechtshof Den Haag23 jul 2026IncassoFaillissement
28/100Bekijk