JurispRadar
ECLI:NL:RBDHA:2026:19122

ECLI:NL:RBDHA:2026:19122, Rechtbank Den Haag, 08-07-2026, 23.35992, 24.22430 en 24.37100

Rechtbank Den HaagUitspraak: 8 juli 2026Publicatie: 10 juli 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:23.35992, 24.22430 en 24.37100

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Syrië. 15c. Gegrond beroep. Betreft de beoordeling van twee beroepen wegens het niet tijdig beslissen op eisers asielaanvraag, alsmede een beroep tegen het alsnog genomen besluit. Weliswaar stelt de minister terecht dat eiser niet op individuele gronden te vrezen heeft voor vervolging in Syrië, maar de minister heeft ontoereikend gemotiveerd waarom hij voor de provincie Daraa een relatief laag niveau van willekeurig geweld als bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Kwalificatierichtlijn aanneemt. Geen sprake van overschrijding van de redelijke termijn.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:19120

ECLI:NL:RBDHA:2026:19120, Rechtbank Den Haag, 10-07-2026, NL26.36013

Rechtbank Den Haag10 jul 2026
~13geschat
Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1245Richtinggevend
Bestuursrecht
Belastingrecht

ECLI:NL:HR:2026:1245, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/00155

Hoge Raad10 jul 2026OverheidHandhaving
72/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1243Hoog
Belastingrecht
Mensenrechten

ECLI:NL:HR:2026:1243, Hoge Raad, 10-07-2026, 24/03381

Hoge Raad10 jul 2026VastgoedVergunningen
58/100Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1242Laag
Belastingrecht
Materieel strafrecht

ECLI:NL:HR:2026:1242, Hoge Raad, 10-07-2026, 25/01717

Hoge Raad10 jul 2026HandhavingSchadevergoeding
28/100Bekijk