JurispRadar
ECLI:NL:RBDHA:2026:18919Laag5/100

ECLI:NL:RBDHA:2026:18919, Rechtbank Den Haag, 09-07-2026, NL24.17465

Rechtbank Den HaagUitspraak: 9 juli 2026Publicatie: 9 juli 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:NL24.17465

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Oekraïne, derdelanders, beëindiging facultatieve tijdelijke bescherming. De brief van de minister van 5 februari 2024 is een besluit voor zover daarin het besluit van 28 augustus 2023 wordt ingetrokken. Dat onderdeel van de brief wordt door eiser echter niet betwist. De brief is voor het overige niet dan een mededeling aan eiser die niet op rechtsgevolg is gericht, maar puur informatief van aard is. De brief is in zoverre wel een bestuurlijk rechtsoordeel waartegen in dit geval beroep kon worden ingesteld. Eiser heeft, ook desgevraagd ter zitting, niets naar voren gebracht waaruit volgt dat het oordeel dat in de uitspraken van de Afdeling van 17 januari 2024 en 23 april 2025 is neergelegd geen stand zou kunnen houden. De rechtbank ziet geen aanleiding die uitspraken niet te volgen. Het beroep is ongegrond.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:HR:2026:1284Laag
Civiel recht
Burgerlijk procesrecht

ECLI:NL:HR:2026:1284, Hoge Raad, 17-07-2026, 25/01722

Hoge Raad17 jul 2026DienstverleningBouw
12/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:19655Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:19655, Rechtbank Den Haag, 16-07-2026, NL25.24312

Rechtbank Den Haag16 jul 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:RBMNE:2026:4414Laag

ECLI:NL:RBMNE:2026:4414, Rechtbank Midden-Nederland, 16-07-2026, UTR 25/5836

Rechtbank Midden-Nederland16 jul 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:19578Laag

ECLI:NL:RBDHA:2026:19578, Rechtbank Den Haag, 16-07-2026, NL25.56546

Rechtbank Den Haag16 jul 2026
5/100Bekijk