ECLI:NL:RBDHA:2026:11884, Rechtbank Den Haag, 13-05-2026, NL25.26011 en NL25.26012
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Asiel/Gaza/uitsluiting subsidiaire bescherming/Unierechtelijk openbare orde criterium/evenredigheid. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag. Eiser is geboren in Gaza Stad en gevlucht vanwege de algemene situatie in Gaza. De minister heeft de asielaanvraag afgewezen, omdat eiser niet in aanmerking komt voor subsidiaire bescherming. Eiser is namelijk veroordeeld voor het tweemaal plegen van brandstichting en vormt door zijn persoonlijke gedrag een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging die een fundamenteel belang van de samenleving aantast. De rechtbank is van oordeel dat de minister bij de beoordeling van eisers persoonlijke gedragingen niet kenbaar alle individuele omstandigheden heeft betrokken. Dit vormt een zorgvuldigheids- en motiveringsgebrek. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister daarnaast onvoldoende gemotiveerd dat de maatregel geschikt, noodzakelijk en evenwichtig is. Daartoe overweegt de rechtbank dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het weigeren van subsidiaire bescherming geschikt is om de samenleving te beschermen. De rechtbank oordeelt verder dat ook de noodzakelijkheid van de maatregel onvoldoende is gemotiveerd, nu de minister nalaat te motiveren waarom geen lichter middel voorhanden is om de samenleving te beschermen. Ook gelet op de eerder besproken individuele omstandigheden in overwegingen is onvoldoende gemotiveerd dat deze maatregel evenwichtig is. Het beroep is gegrond.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.