ECLI:NL:RBDHA:2026:10246Laag5/100
ECLI:NL:RBDHA:2026:10246, Rechtbank Den Haag, 17-04-2026, 11963769-25-84588
Rechtbank Den HaagUitspraak: 17 april 2026Publicatie: 30 april 2026
Zaaknummer:11963769-25-84588
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)In deze zaak verzoekt de werkgever om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer. De kantonrechter wijst het verzoek toe, omdat er een redelijke grond is voor ontbinding op de h-grond. Het tegenverzoek van werknemer om een billijke vergoeding wordt afgewezen, omdat geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. Werkgever moet de transititievergoeding betalen, nu geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer. Het relatiebeding wordt gedeeltelijk vernietigd.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.
Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraakRecente uitspraken
ECLI:NL:HR:2026:1284Laag
Civiel recht
Burgerlijk procesrecht
ECLI:NL:HR:2026:1284, Hoge Raad, 17-07-2026, 25/01722
Hoge Raad17 jul 2026DienstverleningBouw
12/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:19655Laag
ECLI:NL:RBDHA:2026:19655, Rechtbank Den Haag, 16-07-2026, NL25.24312
Rechtbank Den Haag16 jul 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:RBMNE:2026:4414Laag
ECLI:NL:RBMNE:2026:4414, Rechtbank Midden-Nederland, 16-07-2026, UTR 25/5836
Rechtbank Midden-Nederland16 jul 2026
5/100Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:19578Laag
ECLI:NL:RBDHA:2026:19578, Rechtbank Den Haag, 16-07-2026, NL25.56546
Rechtbank Den Haag16 jul 2026
5/100Bekijk