ECLI:NL:RBAMS:2026:2795, Rechtbank Amsterdam, 26-02-2026, 11914340 EA VERZ 25-1145
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Werknemer die door Indiase werkgever meer dan 10 jaar is uitgeleend aan dochtermaatschappij in Nederland vraagt verklaring voor recht dat hij (inmiddels) met de dochtermaatschappij een arbeidsovereenkomst heeft. Verzoek wordt toegewezen. De detacheringsovereenkomst is geëindigd, werknemer kreeg onveranderd van de Nederlandse dochter opdrachten en instructies, was al vanaf 2015 alleen aan haar verantwoording verschuldigd en kreeg door haar betaald. Verder is in de inleenovereenkomst bepaald dat de dochter economische werkgever is en de volledige controle over de gedetacheerde werknemers heeft. Daarnaast is het initieel tijdelijke karakter van de detachering feitelijk een permanente situatie geworden, zonder dat voor het telkens verlengen van de detachering een objectieve verklaring is gegeven. Van werknemer kan in redelijkheid niet worden gevraagd naar India terug te keren.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.