ECLI:NL:OGEAA:2026:185, Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 24-07-2026, AUA202500259
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Het Gerecht oordeelt dat de brief van de minister van Financiën van 4 juli 2023, hoewel verzonden tijdens het wetgevingsproces, kwalificeert als een beleidsregel waaraan belanghebbende gerechtvaardigd vertrouwen mocht ontlenen. Uit de inhoud van de brief mocht de Food & Beverage-sector redelijkerwijs afleiden dat recht bestond op aftrek van de bij invoer betaalde BBO en BAZV. Dat de nadien vastgestelde Ministeriële Regeling dit aftrekrecht beperkte, doet niet af aan het eerder gewekte vertrouwen. Voorts overweegt het Gerecht dat ook openbare uitlatingen van een verantwoordelijke bewindspersoon, zonder formele publicatie als beleidsbesluit, onder omstandigheden gerechtvaardigd vertrouwen kunnen wekken. De Ministeriële Regeling kon dit vertrouwen wel beëindigen, maar niet met terugwerkende kracht ten nadele van belastingplichtigen, omdat dit in strijd is met het vertrouwens-, rechtszekerheids- en zorgvuldigheidsbeginsel. Het beroep wordt daarom gegrond verklaard en de naheffingsaanslagen over augustus 2023 worden vernietigd.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.