Hof Amsterdam wijst verhuizing kinderen naar andere stad af
ECLI:NL:GHAMS:2026:2000, Gerechtshof Amsterdam, 14-07-2026, 200.361.576/01
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)vervangende toestemming voor verhuizing, inschrijving basisschool en gegevensoverdracht school, hoofdverblijfplaats en zorgregeling. Artikel: 1:253a lid 1 BW
Kern van de zaak
Een gescheiden moeder met de Portugese nationaliteit is zonder toestemming van de vader met de twee kinderen vanuit de echtelijke regio naar een andere stad verhuisd. De vader verzette zich hiertegen. De rechtbank gelastte terugkeer van de kinderen; de moeder ging in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam.
Beslissing van de rechter
Het verzoek om vervangende toestemming voor de verhuizing met de kinderen naar de nieuwe woonplaats is afgewezen; het hof acht zich voldoende voorgelicht zonder nader raadsonderzoek. Doorslaggevend is de afweging tussen het belang van de moeder bij een zelfstandig financieel en sociaal leven enerzijds en het zwaarwegende belang van de vader bij continuïteit in zijn opvoedingsrol en het belang van de kinderen bij hun vertrouwde omgeving anderzijds.
Impactscore
LaagHet betreft een casuïstische beslissing in een individuele familiezaak zonder richtinggevende rechtsvragen; de uitkomst past binnen bestaande jurisprudentie over vervangende toestemming voor verhuizing.
Belangrijkste punten
- 1De zaak heeft een internationaal karakter omdat partijen en kinderen de Portugese nationaliteit hebben; rechtsmacht is gebaseerd op Verordening Brussel II-ter.
- 2De moeder verhuisde in augustus 2025 zonder toestemming van de vader naar een andere stad; dit was in strijd met het gezamenlijk gezag.
- 3Het hof weigert een raadsonderzoek te gelasten omdat het zich voldoende voorgelicht acht.
- 4Het belang van de moeder bij een financieel haalbare woning met voldoende slaapkamers weegt niet op tegen het belang van de vader bij zijn opvoedingsrol en het belang van de kinderen bij stabiliteit.
- 5De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd: iedere partij draagt de eigen kosten.
Impactanalyse
Juridische impact
De uitspraak bevestigt dat bij internationale gezinsrechtelijke zaken met EU-nationaliteit de Verordening Brussel II-ter bepalend is voor de rechtsmacht, en dat vervangende toestemming voor verhuizing een zware toets vergt waarbij het belang van het kind centraal staat.
Praktische impact
De moeder dient met de kinderen terug te keren naar de regio van oorsprong; de vader behoudt zijn betrokken opvoedingsrol in de bestaande woonsituatie en de kinderen kunnen terugkeren naar hun vertrouwde omgeving.
Onderwerp-impact
In echtscheidingszaken met grensoverschrijdend element worden ouders geconfronteerd met strenge vereisten voor verhuizing: eenzijdig vertrek zonder toestemming leidt doorgaans tot een rechterlijk terugkeerbevel.
Samenvatting
Dit hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam betreft een geschilpunt tussen twee ouders met de Portugese nationaliteit over de vraag of de moeder vervangende toestemming moet krijgen om met de twee minderjarige kinderen definitief te verhuizen naar een andere stad. De ouders hadden tot februari 2024 een relatie en woonden samen in een woning. Na de relatiebreuk leefden zij aanvankelijk nog gezamenlijk in de echtelijke woning totdat de voorzieningenrechter in september 2024 het uitsluitend gebruik aan de moeder toewees. In maart 2025 droeg de rechtbank de woning toe aan de vader. In augustus 2025 verhuisde de moeder zonder toestemming van de vader met de kinderen naar een huurwoning elders. De rechtbank in eerste aanleg gelastte terugkeer van de kinderen naar de regio van oorsprong, waarna de moeder in hoger beroep ging. Het hof stelt eerst vast dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft op grond van Verordening Brussel II-ter, nu de kinderen ten tijde van het inleidend verzoekschrift hun gewone verblijfplaats in Nederland hadden. Het hof ziet geen aanleiding een raadsonderzoek te gelasten en acht zich voldoende voorgelicht. Bij de inhoudelijke beoordeling weegt het hof de belangen van alle betrokkenen af. Het belang van de moeder — financieel zelfstandig kunnen wonen in een geschikte woning — is reëel, en daarmee hangt ook een belang van de kinderen samen, aangezien de moeder een belangrijke verzorger is. Tegenover dit belang staat echter het zwaarwegende belang van de vader om zijn actieve rol in de opvoeding voort te zetten, en het belang van de kinderen zelf om in hun vertrouwde omgeving te blijven. Het hof honoreert de vervangende toestemming niet en bekrachtigt daarmee in wezen de beslissing van de rechtbank. De proceskosten worden gecompenseerd.