ECLI:NL:GHAMS:2026:1222, Gerechtshof Amsterdam, 04-05-2026, 23-001215-24
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Verkrachting van een jonge vrouw in de woning van de verdachte. Het hof oordeelt dat de verklaringen van de aangeefster, anders dan de verklaringen van de verdachte, betrouwbaar zijn en steun vinden in andere onderzoeksbevindingen. Het hof overweegt dat de verklaringen van de verdachte onbetrouwbaar zijn, omdat ze telkens aanzienlijk van inhoud wisselen en naar mate de verdachte bekend wordt met meer onderzoeksbevindingen, worden aangepast om (beter) in die bevindingen te passen. Daarnaast vinden die verklaringen ook geen steun in de NFI-rapporten, hetgeen eveneens afbreuk doet aan de betrouwbaarheid van die verklaringen. Het voorwaardelijk verzoek van de verdediging wordt afgewezen. De verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden. Integrale toewijzing van de vordering benadeelde partij. Voldoende is komen vast te staan dat de benadeelde partij ten minste één jaar aan studievertraging heeft opgelopen als rechtstreeks gevolg van het bewezenverklaarde.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.