ECLI:NL:CRVB:2026:1144, Centrale Raad van Beroep, 18-08-2026, 24/2114 PW
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Intrekking en terugvordering van bijstand. Hoofdverblijf. Onvoldoende feitelijke grondslag. Rechtmatigheid onderzoek. Opdracht nieuw besluit. Voor de periode van 6 oktober 2020 tot en met 17 januari 2021 is er, ook als de navolgende onderzoeksbevindingen in onderlinge samenhang worden bezien, onvoldoende feitelijke grondslag voor het standpunt van het college dat appellante haar hoofdverblijf niet op het uitkeringsadres had. Zo ziet het gemeten nutsverbruik gedeeltelijk op een periode voorafgaand aan de te beoordelen periode. Dat appellante vanaf 6 oktober 2020 de meeste pinbetalingen in plaats 1 deed, is op zichzelf ook onvoldoende. Dat geldt voorts voor het laten bezorgen van bestellingen op een andere locatie dan het uitkeringsadres en het vanaf een bepaald IP-adres bestellingen plaatsen. Voor de periode vanaf 18 januari 2021 is er wel voldoende feitelijke grondslag en is sprake van extreem laag waterverbruik waarvoor appellante geen aannemelijke verklaring heeft gegeven.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.