ECLI:NL:RBZWB:2026:2927, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10-04-2026, BRE 25/4755 en 25/5449
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)8:55 Verzet ongegrond. De rechtbank concludeert dat met betrekking tot de door de ontvanger gedane verrekening slechts een vordering bij de burgerlijk rechter kan worden ingesteld en dat de rechtbank zich onbevoegd dient te verklaren. Naar het oordeel van de rechtbank bestond er geen aanleiding voor de ontvanger om bij belanghebbende te vragen of het bezwaar zich uitsluitend richtte tegen de verrekening of ook (of alleen) tegen de invorderingsrente of tegen andere inhoudelijke gronden. Nu in de beschikking van 7 mei 2025 alleen een verrekening binnen vier weken wordt aangekondigd en hierin geen invorderingsrente is vermeld, treft de door belanghebbende aangehaalde jurisprudentie geen doel.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.