JurispRadar
ECLI:NL:RBROT:2026:9726Laag5/100

ECLI:NL:RBROT:2026:9726, Rechtbank Rotterdam, 21-07-2026, ROT 25/6386

Rechtbank RotterdamUitspraak: 21 juli 2026Publicatie: 7 augustus 2026
Procedure:Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer:ROT 25/6386

Inhoudsindicatie

(officieel, Rechtspraak.nl)

Varia, Wml. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de boete terecht is opgelegd maar dat het beroep wel gegrond is omdat de redelijke termijn is overschreden. De rechtbank matigt de boete daarom naar € 40.850,-. Verweerder heeft aanvullende stukken opgevraagd en eiser heeft hierop niet gereageerd. In het boeterapport staat dat eiser onvoldoende bescheiden heeft overgelegd om te kunnen beoordelen wat de daadwerkelijk gewerkte uren van de werknemers zijn. Dit is een overtreding van artikel 18b, tweede lid, van de Wml.

AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.

Bron: Rechtspraak.nl Open Data
Originele uitspraak

Recente uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:26453

ECLI:NL:RBDHA:2026:26453, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.51783

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
< 5impact
Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:26451

ECLI:NL:RBDHA:2026:26451, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.51180

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
< 5impact
Bekijk
ECLI:NL:RBDHA:2026:26452

ECLI:NL:RBDHA:2026:26452, Rechtbank Den Haag, 11-09-2026, NL26.13370

Rechtbank Den Haag11 sep 2026
< 5impact
Bekijk
ECLI:NL:HR:2026:1470

ECLI:NL:HR:2026:1470, Hoge Raad, 11-09-2026, 26/02117

Hoge Raad11 sep 2026
< 5impact
Bekijk