ECLI:NL:RBOVE:2026:4088, Rechtbank Overijssel, 30-06-2026, 12017346 \ CV EXPL 25-3633
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Eiser is in dienst geweest bij gedaagde. Partijen hebben een geschil over of eiser door gedaagde juist was ingeschaald. De kantonrechter is van oordeel dat dit niet het geval is geweest; eiser had ingeschaald moeten worden in de functie van Schilder 2 en loongroep 4 van de cao SAVG. Dat betekent dat gedaagde te weinig loon aan eiser heeft betaald. Anders dan gedaagde stelt, heeft eiser daarover wel tijdig geklaagd en kan hij het loon wat hij had moeten krijgen met terugwerkende kracht vorderen. De hoogte van het door eiser gevorderde loon is door gedaagde gemotiveerd betwist. Volgens haar berekening moet zij maximaal € 7.523,61 aan eiser betalen. Eiser heeft dat verder niet (gemotiveerd) weersproken, waardoor de kantonrechter aansluit bij het door gedaagde berekende bedrag. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling daarvan, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter ziet aanleiding om de gevorderde wettelijke verhoging te matigen tot nihil en de proceskosten te compenseren.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.