ECLI:NL:RBAMS:2026:1325, Rechtbank Amsterdam, 11-02-2026, C/13/752764 / HA ZA 24-688
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)De vorderingen van een voormalig lid van de Tweede Kamerfractie van Volt Nederland tegen de vereniging Volt Nederland wegens het schorsen en het beëindigen van haar fractielidmaatschap zijn niet toewijsbaar. De leden van de Volt-fractie hebben beslist dat zij de politieke samenwerking met hun fractiegenoot niet wilden voortzetten. Het was ook aan de Volt-fractie om daarover te beslissen en niet aan het bestuur of de algemene vergadering van de politieke partij “Volt Nederland”. Omdat de Tweede Kamerfractie niet is te beschouwen als afdeling of onderdeel van Volt Nederland en de leden van de Volt-fractie hun mandaat zonder last of ruggenspraak uitoefenen, is Volt Nederland niet aansprakelijk voor de beslissingen die de Volt-fractie heeft genomen ten aanzien van het fractielid. Ook de vorderingen van het voormalig Tweede Kamerlid wegens uitlatingen die Volt Nederland in het openbaar over haar heeft gedaan, zijn niet toewijsbaar.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.