ECLI:NL:HR:2026:1442, Hoge Raad, 15-09-2026, 26/01641
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Executie-uitlevering opgeëiste persoon (Braziliaanse nationaliteit) naar Brazilië t.z.v. drugshandel. 1. Ongenoegzaamheid van stukken t.a.v. ter zitting aan verdediging verstrekte wettelijke bepalingen, art. 18.3.c Uitleveringswet en art. 12.2 EUV. 2. Beroep op voltooide flagrante schending van art. 6.1 EVRM. Kon Rb oordelen dat geen sprake is van voltooide schending van art. 6 EVRM op de grond dat opgeëiste persoon vanwege lopend herzieningsverzoek nog niet alle nationale rechtsmiddelen heeft uitgeput? 3. Beroep op voltooide schending van art. 3 EVRM. Kon Rb oordelen dat o.b.v. zich in dossier bevindende stukken niet is komen vast te staan dat sprake is van voltooide schending van art. 3 EVRM? HR: art. 81.1 RO.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.