ECLI:NL:GHSHE:2026:2587, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 23-09-2026, 20-000884-24
Inhoudsindicatie
(officieel, Rechtspraak.nl)Het hof verenigt zich met het vonnis van de rechtbank met uitzondering van: - de beslissing op de vordering van de benadeelde partij (moeder slachtoffer); - de beslissing tot oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van de moeder van het slachtoffer; - de beslissing tot oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van de vader van het slachtoffer. Hoewel het hof zich met de volgende beslissingen kan verenigen, vernietigt het hof deze omwille van de leesbaarheid: - de beslissing op de vordering van de benadeelde partij (vader slachtoffer); - de opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 11 jaren; - de opgelegde maatregel tot terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege. Het hof veroordeelt uiteindelijk de - verminderd toerekeningsvatbare - verdachte ter zake van de bewezenverklaarde 'doodslag' tot een gevangenisstraf voor de duur van 11 jaren met aftrek van de tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. Daarnaast legt het hof de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege op, waarbij het hof adviseert dat deze zal aanvangen op (of zo kort mogelijk na) het tijdstip waarop de verdachte – zou zijn ongewenstverklaring en onrechtmatig verblijf in Nederland worden weggedacht – normaliter in aanmerking zou zijn gekomen voor voorwaardelijke invrijheidstelling. Ten slotte heeft het hof beslist op de vorderingen van de benadeelde partijen moeder en vader van het slachtoffer, waarbij het toegewezen bedrag telkens zal worden vermeerderd met de wettelijke rente en waarbij telkens de schadevergoedingsmaatregel is opgelegd.
AI-analyse is nog niet beschikbaar voor deze uitspraak.